Naam van back-upbestand
Met deze optie definieert u de namen van de back-upbestanden die zijn gemaakt door het beschermingsschema.
Deze namen kunnen worden bekeken in een bestandsmanager wanneer u door de back-uplocatie bladert.
Wat is een back-up bestand?
Bij elk beschermingsschema worden een of meer bestanden gemaakt in de back-uplocatie, afhankelijk van het back-upschema en de gebruikte back-upindeling. In de onderstaande tabel vindt u welke bestanden kunnen worden gemaakt per machine of postvak.
| Altijd incrementeel (één bestand) | Andere back-upschema's | |
|
Back-upindeling Versie 11 |
Eén TIB-bestand en één XML-metadatabestand |
Meerdere TIB-bestanden en één XML-metagegevensbestand (traditionele indeling) |
|
Back-upindeling Versie 12 |
Eén TIBX-bestand per back-upreeks (een volledige of differentiële back-up en alle incrementele back-ups die ervan afhankelijk zijn) |
|
Alle bestanden hebben dezelfde naam, met of zonder tijdstempel of volgnummer. U kunt deze naam (de 'naam van back-upbestand') opgeven wanneer u een beschermingsschema maakt of bewerkt.
Een tijdstempel wordt alleen aan de naam van het back-upbestand toegevoegd in de back-upindeling Versie 11.
Als u de naam van een back-upbestand wijzigt, zal de volgende back-up een volledige back-up zijn, tenzij u een bestandsnaam van een bestaande back-up van dezelfde machine opgeeft. Als dit laatste van toepassing is, wordt een volledige, incrementele of differentiële back-up gemaakt volgens het beschermingsschema.
Het is mogelijk namen van back-upbestanden in te stellen voor locaties die niet toegankelijk zijn voor bestandsbeheer (zoals de cloudopslag of een tapeapparaat). Dat kan zinvol zijn als u de aangepaste namen wilt weergeven op het tabblad Back-upopslag.
Waar kan ik de namen van back-upbestanden zien?
Selecteer het tabblad Back-upopslag en vervolgens de groep back-ups.
- De standaardnaam voor back-upbestanden wordt weergegeven in het deelvenster Details.
- Als u een andere naam dan de standaardnaam voor back-upbestanden selecteert, wordt deze op het tabblad Back-upopslag weergegeven in de kolom Naam.
Beperkingen voor namen van back-upbestanden
-
De naam van een back-upbestand kan niet eindigen op een cijfer.
Om te voorkomen dat de standaardnaam voor back-upbestanden eindigt op een cijfer, wordt de letter 'A' toegevoegd aan het eind. Als u een aangepaste naam maakt, dient u ervoor te zorgen dat deze niet op een cijfer eindigt. De naam mag niet eindigen op een variabele, aangezien een variabele mogelijk eindigt op een cijfer.
- De naam van een back-upbestand mag de volgende symbolen niet bevatten: ()&?*$<>":\|/#, regeleinden (\n) of tabs (\t).
Standaardnaam voor back-upbestanden
De standaardnaam voor back-upbestanden is [Machine Name]-[Plan ID]-[Unique ID]A.
De standaardnaam voor back-upbestanden van postvakken is [Mailbox ID]_mailbox_[Plan ID]A.
De naam bestaat uit de volgende variabelen:
[Machine Name]Deze variabele wordt vervangen door de naam van de machine (dezelfde naam die wordt weergegeven in de Cyber Protect-webconsole) voor alle typen gegevens waarvan een back-up wordt gemaakt, behalve voor Microsoft 365-postvakken. Voor Microsoft 365-postvakken wordt deze variabele vervangen door de UPN (User Principal Name) van het postvak.[Plan ID]Deze variabele wordt vervangen door een unieke id van een beschermingsschema. Deze waarde verandert niet als de naam van het schema wordt gewijzigd.[Unique ID]Deze variabele wordt vervangen door een unieke id van de geselecteerde machine of het geselecteerde postvak. Deze waarde verandert niet als de naam van de machine of de postvak-UPN wordt gewijzigd.[Mailbox ID]Deze variabele wordt vervangen door de UPN van het postvak."A"is een letter die wordt toegevoegd aan het eind om te voorkomen dat de naam op een cijfer eindigt.
In het onderstaande diagram wordt de standaardnaam voor back-upbestanden weergegeven.
In het onderstaande diagram wordt de standaardnaam voor back-upbestanden van postvakken weergegeven.
Namen zonder variabelen
Als u de naam van het back-upbestand wijzigt in MyBackup, zullen de back-upbestanden eruitzien als in de volgende voorbeelden. Bij beide voorbeelden wordt uitgegaan van incrementele back-ups die vanaf 13 september 2016 dagelijks zijn gepland om 14:40 uur.
Voor de indeling Versie 12 met het back-upschema Altijd incrementeel (één bestand):
MyBackup.tibx
Voor de indeling Versie 12 met andere back-upschema's:
MyBackup.tibx
MyBackup-0001.tibx
MyBackup-0002.tibx
...
Voor de indeling Versie 11 met het back-upschema Altijd incrementeel (één bestand):
MyBackup.xml
MyBackup.tib
Voor de indeling Versie 11 met andere back-upschema's:
MyBackup.xml
MyBackup_2016_9_13_14_49_20_403F.tib
MyBackup_2016_9_14_14_43_00_221F.tib
MyBackup_2016_9_15_14_45_56_300F.tib
...
Variabelen gebruiken
Naast de variabelen die standaard worden gebruikt, kunt u gebruikmaken van de variabele [Plan name], die wordt vervangen door de naam van het beschermingsschema.
Als er meerdere machines of postvakken worden geselecteerd voor een back-up, moet de naam van het back-upbestand een van de volgende variabelen bevatten: [Machine Name], [Mailbox ID] of [Unique ID].
Namen van back-upbestanden tegenover vereenvoudigde bestandsnamen
U kunt tekst zonder opmaak en/of variabelen gebruiken om dezelfde bestandsnamen samen te stellen als in oudere versies van Acronis Cyber Protect. Het is echter niet mogelijk vereenvoudigde bestandnamen opnieuw te maken. In versie 12 krijgt een bestandsnaam een tijdstempel, tenzij er een indeling met één bestand wordt gebruikt.
Voorbeelden van gebruik
-
Gebruiksvriendelijke bestandsnamen weergeven
U wilt eenvoudig onderscheid kunnen maken tussen back-ups wanneer u met bestandsbeheer door de back-uplocatie bladert.
-
Een bestaande reeks back-ups voortzetten
Stel dat een beschermingsschema wordt toegepast op één machine en dat u deze machine moet verwijderen uit de Cyber Protect-webconsole of dat u de agent met de bijbehorende configuratie-instellingen moet verwijderen. Wanneer de machine opnieuw is toegevoegd of de agent opnieuw is geïnstalleerd, kunt het beschermingsschema verder laten gaan bij dezelfde back-up of back-upreeks. Als u dit wilt doen, klikt u in de back-upopties van het beschermingsschema op Naam van back-upbestand en vervolgens op Selecteren om de gewenste back-up te selecteren.
Met de knop Bladeren worden de back-ups weergegeven die te vinden zijn in de locatie die is geselecteerd in het gedeelte Locatie van back-up van het deelvenster voor beschermingsschema's. Het is niet mogelijk om buiten deze locatie te bladeren.
-
Upgraden vanaf een vorige versie van het product
Als tijdens de upgrade het beschermingsschema niet automatisch is gemigreerd, maakt u het schema opnieuw en verwijst u het naar het oude back-upbestand. Als slechts één machine is geselecteerd om back-ups te maken, klikt u op Bladeren en selecteert u de gewenste back-up. Als voor de back-up meerdere machines zijn geselecteerd, maakt u met behulp van variabelen de naam van het oude back-upbestand opnieuw.
De knop Selecteren is alleen beschikbaar voor beschermingsschema's die zijn gemaakt voor en worden toegepast op een enkel apparaat.