Back-up van postvak
Het maken van back-ups van postvakken wordt ondersteund voor Microsoft Exchange Server 2010 Service Pack 1 (SP1) en later.
Het maken van een back-up van het postvak is beschikbaar als ten minste één Agent voor Exchange is geregistreerd op de beheerserver. De agent moet zijn geïnstalleerd op een machine die behoort tot hetzelfde Active Directory-forest als Microsoft Exchange Server.
Voordat u een back-up kunt maken van postvakken, moet u Agent voor Exchange verbinden met de machine met de serverrol Clienttoegang (CAS) van Microsoft Exchange Server. In Exchange 2016 en later is de CAS-rol niet beschikbaar als afzonderlijke installatieoptie. Deze wordt automatisch geïnstalleerd als onderdeel van de postvakserverfunctie. U kunt de agent dan verbinden met elke server waarop de postvakfunctie wordt uitgevoerd.
Agent voor Exchange verbinden met CAS
- Klik op Apparaten > Toevoegen.
- Klik op Microsoft Exchange Server.
-
Klik op Exchange-postvakken.
Als er geen Agent voor Exchange is geregistreerd op de beheerserver, wordt u gevraagd om een agent te installeren. Na de installatie herhaalt u deze procedure vanaf stap 1.
- [Optioneel] Als meerdere agenten voor Exchange zijn geregistreerd op de beheerserver, klikt u op Agent en wijzigt u de agent die de back-up gaat uitvoeren.
-
Geef in Server voor clienttoegang de FQDN (Fully Qualified Domain Name) op van de machine waarop de rol Clienttoegang van Microsoft Exchange Server is ingeschakeld.
In Exchange 2016 en later worden de services voor clienttoegang automatisch geïnstalleerd als onderdeel van de postvakserverfunctie. U kunt dan elke server opgeven waarop de postvakfunctie wordt uitgevoerd. Verderop in dit gedeelte wordt deze server aangeduid als CAS.
- Selecteer in Authenticatietype het authenticatietype dat wordt gebruikt door de CAS. U kunt Kerberos (standaard) of Standaard selecteren.
- [Uitsluitend voor standaardauthenticatie] Selecteer welk protocol zal worden gebruikt. U kunt HTTPS (standaard) of HTTP selecteren.
- [Alleen voor standaardverificatie met het HTTPS-protocol] Als CAS gebruikmaakt van een SSL-certificaat dat is verkregen van een certificeringsinstantie en als u wilt dat de software het certificaat controleert bij het maken van een verbinding met CAS, schakelt u het selectievakje SSL-certificaat controleren in. Anders kunt u deze stap overslaan.
- Geef de referenties op van een account dat wordt gebruikt om toegang te krijgen tot CAS. De vereisten voor dit account worden vermeld in 'Vereiste gebruikersrechten'.
- Klik op Toevoegen.
Hierdoor worden de postvakken weergegeven onder Apparaten > Microsoft Exchange > Pastvakken.