Binding van virtuele machines

Dit gedeelte bevat een overzicht van hoe de beheerserver de werking van meerdere agents in VMware vCenter organiseert.

De onderstaande distributiealgoritme werkt zowel voor virtuele toepassingen als voor agents die zijn geïnstalleerd in Windows.

Distributiealgoritme

De virtuele machines worden automatisch gelijkmatig gedistribueerd tussen Agents voor VMware. Met gelijkmatig wordt bedoeld dat elke agent een gelijk aantal machines beheert. De hoeveelheid opslagruimte die door een virtuele machine wordt ingenomen, is niet meegerekend.

Als de software echter een agent voor een machine kiest, probeert deze de algemene systeemprestaties te optimaliseren. De software let met name op de locatie van de agent en de virtuele machine. De voorkeur gaat uit naar een agent die gehost wordt op dezelfde host. Als er geen agent op dezelfde host te vinden is, heeft een agent in hetzelfde cluster de voorkeur.

Zodra een virtuele machine aan een agent is toegewezen, worden alle back-ups van de machine aan deze agent gedelegeerd.

Herdistributie

Telkens als de bestaande balans wordt verstoord, treedt er herdistributie op, of preciezer gezegd: als de balansverstoring van de belasting onder de agents 20 procent bereikt. Dit kan gebeuren als er een machine of een agent wordt toegevoegd of verwijderd, als een machine migreert naar een andere host of een ander cluster of als u een machine handmatig aan een agent bindt. Als dit gebeurt, herdistribueert de beheerserver de machines met dezelfde algoritme.

UU beseft bijvoorbeeld dat u meer agents nodig hebt om te helpen met de doorvoer en met het implementeren van een extra virtuele toepassing in het cluster. De beheerserver wijst de geschiktste machines toe aan de nieuwe agent. De belasting van de oude agents wordt minder.

Als u een agent van de beheerserver verwijdert, worden de machines die aan de agent zijn toegewezen, gedistribueerd tussen de resterende agents. Dit gebeurt echter niet als een agent beschadigd raakt of handmatig wordt verwijderd uit vSphere. De herdistributie begint pas als nadat u die agent uit de webinterface hebt verwijderd.

Het distributieresultaat weergeven

U kunt het resultaat van de automatische distributie bekijken:

  • in de kolom Agent voor elke virtuele machine in het gedeelte Alle apparaten
  • in het gedeelte Toegewezen virtuele machines van het deelvenster Details als er een agent is geselecteerd in het gedeelte Instellingen > Agents

Handmatige binding

Door de Agent voor VMware-binding kunt u een virtuele machine uitsluiten van het distributieproces; hiertoe geeft u de agent op die altijd back-ups van deze machine moet maken. De algemene balans wordt behouden, maar deze specifieke machine kan alleen aan een andere agent worden doorgegeven als de oorspronkelijke agent is verwijderd.

Een binding maken van een virtuele machine met een agent

  1. Selecteer de machine.
  2. Klik op Details.

    In het gedeelte Toegewezen agent geeft de software de agent weer die momenteel de geselecteerde machine beheert.

  3. Klik op Wijzigen.
  4. Selecteer Handmatig.
  5. Selecteer de agent waarvoor u een binding met de machine wilt maken.
  6. Klik op Opslaan.

Een binding van een machine aan een agent ongedaan maken

  1. Selecteer de machine.
  2. Klik op Details.

    In het gedeelte Toegewezen agent geeft de software de agent weer die momenteel de geselecteerde machine beheert.

  3. Klik op Wijzigen.
  4. Selecteer Automatisch.
  5. Klik op Opslaan.

Automatische toewijzing uitschakelen voor een agent

U kunt het automatisch toewijzen uitschakelen voor Agent voor VMware en deze uitsluiten van het distributieproces door de lijst met machines op te geven waarvan de agent back-ups moet maken. De algemene balans wordt onderhouden tussen andere agents.

Automatische toewijzing kan niet worden uitgeschakeld voor een agent als er geen andere geregistreerde agents zijn of als automatische toewijzing is uitgeschakeld voor alle andere agents.

Automatische toewijzing uitschakelen voor een agent

  1. Klik op Instellingen > Agenten.
  2. Selecteer Agent voor VMware waarvoor u automatische toewijzing wilt uitschakelen.
  3. Klik op Details.
  4. Zet de schakelaar Automatische toewijzing uit.

Voorbeelden van gebruik

  • Handmatige binding is handig als u back-ups van een bepaalde (erg grote) machine wilt maken met Agent voor VMware (Windows) via een Fibre Channel terwijl er back-ups van andere machines worden gemaakt door virtuele apparaten.
  • Handmatige binding is noodzakelijk als u momentopnamen van SAN-hardware gebruikt. Een binding maken voor Agent voor VMware (Windows) waarvoor momentopnamen van SAN-hardware zijn geconfigureerd met de machines die in de SAN-gegevensopslag staan.
  • Het is noodzakelijk VM's te verbinden met een agent als de agent een lokaal gekoppelde opslag heeft.
  • Door de automatische toewijzing uit te schakelen zorgt u dat er back-ups van een bepaalde machine worden gemaakt volgens het schema dat u opgeeft. De agent die alleen back-ups van één VM maakt, kan zich niet bezighouden met het maken van back-ups van andere VM's als het schema dit aangeeft.
  • Het uitschakelen van de automatische toewijzing is handig als u meerdere ESXi-hosts hebt die geografisch gescheiden zijn. Als u de automatische toewijzing uitschakelt en vervolgens de VM's bindt aan alle hosts van de agent die op dezelfde host wordt uitgevoerd, kunt u zorgen dat de agent nooit back-ups maakt van machines die actief zijn op de externe ESXi-hosts, zodat het netwerkverkeer wordt verminderd.