Installatie in Windows

Agent voor Windows, Agent voor Hyper-V, Agent voor Exchange, Agent voor SQL of Agent voor Active Directory installeren

  1. Meld u aan als beheerder en start het installatieprogramma van Acronis Cyber Protect.
  2. [Optioneel] Als u de taal van het installatieprogramma wilt wijzigen, klikt u op Installatietaal.
  3. Accepteer de voorwaarden van de licentieovereenkomst en de privacyverklaring, en klik vervolgens op Doorgaan.
  1. Selecteer Een beveiligingsagent installeren.
  2. Voer een van de volgende handelingen uit:

    • Klik op Installeren.

      Dit is de makkelijkste manier om het product te installeren. De meeste installatieparamaters zullen op hun standaardwaarde worden ingesteld.

      De volgende onderdelen worden geïnstalleerd:

      • Agent voor Windows
      • Andere agenten (Agent voor Hyper-V, Agent voor Exchange, Agent voor SQL en Agent voor Active Directory) als de betreffende hypervisor of applicatie wordt gedetecteerd op de machine
      • Bootable Media Builder
      • Opdrachtregelprogramma
      • Cyber Protect Monitor
    • Klik op Installatie-instellingen aanpassen om de installatie te configureren.

      U kunt selecteren welke onderdelen u wilt installeren en extra parameters opgeven. Zie Installatie-instellingen aanpassen… voor meer informatie.

    • Klik op MST- en MSI-bestanden maken voor installatie zonder toezicht om de installatiepakketten uit te pakken. Controleer of wijzig de installatie-instellingen die aan het MST-bestand worden toegevoegd en klik vervolgens op Genereren. De andere stappen van deze procedure zijn niet vereist.

      Als u agents wilt implementeren via Groepsbeleid, volgt u de instructies in Agenten implementeren via Groepsbeleid.

  3. Geef de beheerserver op waarop de machine met de agent wordt geregistreerd:

    1. Geef de hostnaam of het IP-adres op van de machine waarop de beheerserver is geïnstalleerd.
    2. Geef de referenties van een beheerder van de beheerserver of een registratietoken op.

      Zie Stap 1: Een registratietoken genereren voor meer informatie over het genereren van een registratietoken.

    3. Klik op Gereed.
  1. Selecteer desgevraagd of de machine met de agent wordt toegevoegd aan de organisatie of aan een van de eenheden.

    Deze prompt wordt weergegeven als u meer dan één eenheid of een organisatie met ten minste één eenheid beheert. Zo niet, dan wordt de machine op de achtergrond toegevoegd aan de eenheid die u beheert of aan de organisatie. Zie Eenheden en beheerdersaccounts voor meer informatie.

  1. Ga verder met de installatie.
  2. Wanneer de installatie is voltooid, klikt u op Sluiten.
  3. Als u Agent voor Exchange hebt geïnstalleerd, kunt u back-ups maken van Exchange-databases. Als u back-ups wilt maken van Exchange-postvakken, opent u de Cyber Protect-webconsole, klikt u op Toevoegen > Microsoft Exchange Server > Exchange-postvakken en geeft u de machine op waarop de serverrol Clienttoegang (CAS) van Microsoft Exchange Server is ingeschakeld. Zie Back-up van postvak voor meer informatie.

Agent voor VMware (Windows) of Agent voor Office 365, Agent voor Oracle of Agent voor Exchange installeren op een machine zonder Microsoft Exchange Server

  1. Meld u aan als beheerder en start het installatieprogramma van Acronis Cyber Protect.
  2. [Optioneel] Als u de taal van het installatieprogramma wilt wijzigen, klikt u op Installatietaal.
  3. Accepteer de voorwaarden van de licentieovereenkomst en de privacyverklaring, en klik vervolgens op Doorgaan.
  1. Selecteer Een beveiligingsagent installeren en klik vervolgens op Installatie-instellingen aanpassen.
  2. Klik naast Installatie-items op Wijzigen.
  3. Schakel het selectievakje in voor de agent die u wilt installeren. Schakel de selectievakjes uit voor de onderdelen die u niet wilt installeren. Klik op Gereed om door te gaan.
  4. Geef de beheerserver op waarop de machine met de agent wordt geregistreerd:

    1. Klik naast Acronis Cyber Protect Management Server op Opgeven.
    1. Geef de hostnaam of het IP-adres op van de machine waarop de beheerserver is geïnstalleerd.
    2. Geef de referenties van een beheerder van de beheerserver of een registratietoken op.

      Zie Stap 1: Een registratietoken genereren voor meer informatie over het genereren van een registratietoken.

    3. Klik op Gereed.
  1. Selecteer desgevraagd of de machine met de agent wordt toegevoegd aan de organisatie of aan een van de eenheden.

    Deze prompt wordt weergegeven als u meer dan één eenheid of een organisatie met ten minste één eenheid beheert. Zo niet, dan wordt de machine op de achtergrond toegevoegd aan de eenheid die u beheert of aan de organisatie. Zie Eenheden en beheerdersaccounts voor meer informatie.

  1. [Optioneel] Wijzig andere installatie-instellingen, zoals beschreven in Installatie-instellingen aanpassen….
  2. Klik op Installeren om verder te gaan met de installatie.
  3. Wanneer de installatie is voltooid, klikt u op Sluiten.
  4. [Alleen wanneer u Agent voor VMware (Windows) installeert] Voer de procedure uit, zoals beschreven in Een al geregistreerde agent voor VMware configureren.
  5. [Alleen wanneer u Agent voor Exchange installeert] Open de Cyber Protect-webconsole, klik op Toevoegen > Microsoft Exchange Server > Exchange-postvakken en geef de machine op waarop de serverrol Clienttoegang (CAS) van Microsoft Exchange Server is ingeschakeld. Zie Back-up van postvak voor meer informatie.